Olivier Mak-Bouchard – Het lied van de Mistral

Een verademing vond ik deze originele, grensoverschrijdende debuutroman. Twee buurmannen graven stiekem naar archeologische vondsten in de kersenboomgaard van de oudere man. Ze doen het in het geniep omdat ze geen zin hebben in pottenkijkers, aangezien het een strafbare handeling is. Hoe langer ze graven, hoe meer ze vinden: eerst potscherven, (denken ze), maar het blijken een soort hoorns te zijn. Dagen later stuiten ze op een bron, een stroompje ijzerhoudend water uit de open mond van een stenen sculptuur van een vrouwengezicht. Waarschijnlijk uit de Gallo-Romeinse tijd.

Het verhaal wordt afgewisseld met folklore uit de Luberon (een streek in de Provence), de dromen van de jongste buurman waarin hij zich een wolf waant en de geschiedenis van de trek van Hannibal over de Alpen die in de Luberon tegenwind ondervindt van de heftige Mistral. Die Mistral is in dit boek bijna een apart personage. Mysterieus en ongrijpbaar.
Een heel spannend, verrassend en onderhoudend verhaal, waar ik enorm van genoten heb, met in mijn achterhoofd de vakantie die ik ooit in de Luberon doorbracht.

lk haalde diep adem, sloot mijn ogen en dook met mijn hoofd onder water. De helm van de kalkstenen vrouw schoof over mijn hoofd, omsloot mijn schedel en sneed me af van de buitenwereld. Het daglicht verdween, het geluid van de sprinkhanen en de pijnboombosjes verstomde en werd vervangen door het gorgelen van de bron, het kloppen van het hart van Sirmonde. Ik zwijg, ik wacht, en eindelijk, het is geen verrassing, klinkt de glasheldere stem in mijn hoofd.
`Daar ben je eindelijk weer.’
Ik probeer antwoord te geven, met haar te praten, maar de woorden stokken in mijn keel, ze zoeken hun weg, maar kunnen er niet uit.
`Dank voor de gerechtigdheid. De dood van de telescooparend vroeg om genoegdoening, die kon niet onbestraft blijven. Al jaren kwam die stroper zijn egoïstische, stompzinnige tol eisen bij de inwoners van de Luberon, hij breidde zijn vergrijp uit tot de oehoe, tot de rode wouw. En nu zelfs de slangenarend, getrouwe tussen de getrouwen van Vintur.
Ik zie dat zijn bergen al jaren worden vernederd, dat er wordt gejaagd op zijn volgelingen tot ze zijn uitgestorven, dat zijn bestaan, net als zijn naam, is vergeten. Dat moet stoppen; weet jij waar Vintur is gebleven, weet jij waarom hij is verdwenen?’

Citaat pagina 199, vertaler Gertrud Maes

Iets soortgelijks?

Stefan Hertmans – De bekeerlinge
Arthur Phillips – De Egyptoloog
Peter Ackroyd – De val van Troje

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s