Diane Setterfield – Er was eens een rivier

IMG_0594

De verschijning van een schijnbaar verdronken meisje in The Swan, een pub aan de Thames, beroert de gemoederen hevig. Het drinkende publiek is stomverbaasd als het meisje weer gaat ademen, tegen elke -medische- verwachting in. Maar wie is ze? Is ze het sinds twee jaar verdwenen dochtertje van de rijke Vaughans? Of de vierjarige Alice, kleindochter van een zwarte boer en zijn Engelse vrouw? Of is ze een geestverschijning, teruggebracht door de veerman van verdronken zielen, Quietly?
De auteur speelt met de opzet van een sprookje. De pub staat bekend om de verhalen die er elke avond verteld worden door uitbater Joe. En ook de gasten kunnen er iets van. Tegelijkertijd schetst ze een mooi beeld van het 19e-eeuwse leven langs de rivier de Theems: de landheer en zijn vrouw, de boer die ondanks zijn eenvoudige afkomst ontwikkelder en vriendelijker is dan de meesten en de arme vrouw die mishandeld en misbruikt wordt door haar familie.
De plot zit goed in elkaar. Tot het eind wist ik niet hoe het precies zat met het meisje en haar verleden. Zeer genoten.

‘Geef er ook eentje aan je vader.’ Joe dronk meestal niet in de winter wanneer zijn longen er slecht aan toe waren. ‘En jij, Rita?’
‘Ik doe mee. Dank je.’
Als één man zetten ze het glas aan hun lippen en dronken het in één enkele teug leeg.
Wás het misschien een wonder? Het was alsof ze van een pot goud hadden gedroomd en die bij ontwaken op hun kussen hadden aangetroffen. Alsof ze een verhaal hadden verteld over een sprookjesprinses en aan het eind opmerkten dat ze in een hoek van het lokaal zat te luisteren.
Bijna een uur lang zaten ze in stilte naar het slapende kind te kijken en zich te verwonderen. Kon er waar ook in het land een plek zijn die die avond boeiender was dan de Swan in Radcot? En zij konden zeggen: Ik was erbij.
Uiteindelijk was het Margot die hen allemaal naar huis stuurde.
‘Het is een lange avond geweest, en niets zal ons zo goed doen als een beetje slaap.’
De restjes in de kroezen werden achterovergeslagen en traag grepen de drinkers naar hun jas en hoed. Ze kwamen overeind op benen die wankel waren van de drank en de magie, en schuifelden naar de deur. Er klonk een rondje welterusten, de deur werd geopend, en een voor een verdwenen ze de nacht in, met nog vele blikken over hun schouder.

Citaat pagina 45, vertaler Miebeth van Horn

Iets soortgelijks?

Michael Cox – Het geheime leven van Miss Esperanza Gorst

Susan Hill – De kleine hand

S.K. Tremayne – De IJstweeling

Peter Ackroyd – Thames: Sacred River, een biografie van de rivier

Peter Greenaway, regisseur – Death in the Seine

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s