Denis Thériault – De jongen en de zee

IMG_9966

Een heel fijn zomerboek dat doet denken aan een sprookje van Andersen.
Tussen twee twaalfjarige jongens, Luc en de naamloze verteller, ontstaat een bijzondere vriendschap. Ze wonen in een afgelegen vissersdorp, in het Noorden van Franstalig Canada. De ‘ik’ heeft zijn ouders verloren die verongelukten met hun sneeuwscooters. De vader overleefde het niet. Zijn moeder ligt maanden in coma. Lucs moeder is verdwenen, vermoedelijk verdronken, maar Luc wil daar niet aan. Hij schept een fantasiewereld om om te kunnen gaan met zijn verdriet. Hun verlies schept een hechte band tussen beide jongens.

De schrijver blinkt uit in sfeervolle beschrijvingen van zee en natuur. Vooral de fantasieën van Luc vond ik ontroerend. Hij vertelt de ‘ik’ zijn belevenissen in ‘Ftan’ onder de zee, alsof het een fabel is waar hij zelf deel van uit maakt. Luc denkt dat zijn moeder een zeemeermin is. Ook de uitwerking van thema’s als vriendschap, rouw, dromen en afscheid vond ik origineel en treffend.

‘Ferland, dat is de zee. Op de kaart heet het nog de baai, maar alleen bij heel helder weer kun je de blauwige luchtspiegeling van de zuidoever vaag zien. Het is een kruispunt van elementen, een natuurlijke smeltkroes waar de wind, het bos en de golven samengaan. Ferland beweegt zich tussen stilte en geraas, tussen hitte en het absolute nulpunt; het is een gebied waar goden ouder dan de Opperziener rondwaren, een schuilhoek voor denkbeeldige zeerovers en woudreuzen, een trillende parabool van de schepping der aarde, een enclave met betere verhalenvertellers dan op de tv. ’s Winters is de baai een cryogene woestijn, een maanlandschap waar alleen de incidentele lef van een federale ijsbreker voor wat leven in de brouwerij zorgt, maar uiteindelijk zegeviert altijd weer de lente, en ’s zomers lijkt het een uitspruitsel van Scandinavië, een vaalrood strand met zandminnende planten erlangs, een rij van harige duinen. Ferland, dat is een uitbundige sterrennacht, en wanneer een bries uit het zuiden de zee streelt en die glinstert als een donker juweel, is het een levende spiegel waarin de maan vreemde melksappen lekt.’

Citaat hoofdstuk 3, vertalers Gertrud Maes en Martine Woudt

Iets soortgelijks?

Tim Winton – Blauwrug

John Banville – De zee

Annie Proulx – Scheepsberichten

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s