Jean-Marie Blas de Robles – Point Nemo en het drijvende eiland

IMG_0028

Het leuke van deze Franse schrijver is dat hij jat uit allerlei klassieken en daar volledig eigengereid mee aan de haal gaat. Alles komt langs in een totaal verbogen vorm: Robinson Crusoë, Kapitein Nemo, Moby Dick, Lovecraft, Conan Doyle en de Vertellingen uit 1001 nacht om er een paar te noemen. Verder heb ik het opgevat als een ode aan de serieuze lezer en de fantasie van schrijvers, en tegen het e-book gebeuren. Dat laatste gepersonifieerd door de persoon van Meneer Wang, de perverse directeur van een e-book fabriek, een bijzonder onaangenaam heerschap die gelukkig zijn verdiende loon krijgt.

De andere personages zijn lekker exentriek: Holmes, nazaat van de beroemde, die wiskey drinkend door het leven gaat, zijn vriend Canterel, een dandy, en de verleidelijke Lady MacRae. Zij volgen het spoor van een gestolen diamant en een nietsontziende moordenaar, No de Overstapper. Het verhaal voert van de Transsiberië Express naar Peking, Sydney uiteindelijk naar Point Nemo, ergens in de Grote Oceaan.

Je kunt het lezen als een avonturenroman, detective of een eco-roman. Dit boek laat zich niet in een hokje drukken. Er zitten meerdere verhaallijnen in. Die van de e-book fabriek, van een gefrustreerde dame met een man die hem niet omhoog krijgt en een voorlezer in een sigarenfabriek wiens vriendin in coma ligt.
Aan mijn voorkeur voor Steampunk (verhalen die zich afspelen in een soort van Victoriaanse setting, met allerlei mechanische snufjes, in een onduidelijk tijdperk) wordt ruimschoots voldaan. Een absurd gevoel voor humor kan Blas de Robles ook niet ontzegd worden. O ja, en een forse dosis maffe seks, daar moet je wel tegen kunnen, maar de schrijver waarschuwt daar zelf tegen.

‘Heb je dat gezien?’ vroeg Holmes toen ze weg was.
‘De tatoeage?’ Ja. Die is nogal ongewoon… Ik zou er heel wat voor overhebben om dat ding in zijn geheel te zien!’
‘Dat hoeft niet,’ klonk Canterels stem achter hen.
Met een badhanddoek om zijn nek en vochtige haren stond hij te zweten in een peignoir van zachtpaarse zijde.
‘Martial! Waar was je?’
‘In de sportzaal. Ik moest me een beetje afreageren.’
De serveerster liep met een dienblad in de hand langs hen.
‘Ach! Yva, Yva!’ zei Canterel met een basstem.
Ze keek om en gaf hem vluchtig een knipoogje.
Holmes’ mond viel open van verbazing. ‘Je gaat me toch niet vertellen dat…’
‘Jawel. beste kerel.’ Maar zoals jullie zien, heb ik de terreur van de Russische seks overleefd!’
‘Hoe heb je dat in godsnaam voor elkaar gekregen?’
‘Laten we zeggen dat ik mezelf niet heb ontzien. En mijn portemonnee ook niet helemaal, om eerlijk te zijn. Tweehonderd roebel; ik heb geen idee hoeveel dat is in dukaten.’
‘En de tatoeage?’ vroeg Grimod glimlachend.
‘Een reuzenoctopus waarvan de tentakels op een suggestieve manier om haar lichaam zijn gewikkeld. Het werk van een Japanse kunstenaar. Heel angstaanjagend, moet ik toegeven, vooral ter hoogte van de bek…’
Holmes slikte moeizaam.

Citaat pagina 76, vertaler Martine Woudt

Iets soortgelijks?

G.W. Dahlquist – De glazen boeken van de droometers

Neal Stephenson – The Baroque Cycle

H.P. Lovecraft – Het gefluister in de duisternis

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s